De oorsprong De visie De wensbeelden De samenwerking De daden van partners De inspraakprocedure De onderzoeken De verdieping De daden van de gemeente De inhoudsopgave

 

Wensbeeld 1:

Betere kwaliteit van de
openbare ruimte


 

Niet alleen de gemeente heeft plannen met de Leidse binnenstad. Ook gebruikers van dit gebied hebben zo hun wensen. In De toekomstdromen geven acht van hen hun visie op wat er moet gebeuren.


Fons Verheijen, architect:

"Een regisseur kan harmonie aanbrengen"

Zwart straatmeubilair met een vleugje goud en veel Belgisch hardsteen: dat is de gedroomde ‘huisstijl’ van de openbare ruimte in de stad Leiden. Althans als het aan architect Fons Verheijen ligt. "Nu loop je soms op één vierkante meter tegen vijf verschillende soorten verwijsbordjes op."

De gemeente Leiden wil een betere kwaliteit van de openbare ruimte. Stel: u mag die kwaliteit aanbrengen. Hoe zou u dat doen?
"Ik zou om te beginnen de sfeer van de binnenstad naar het Stationsplein halen. Nu loop je de hal uit en kom je op een kaal plein terecht met foeilelijke gebouwen, geen structuur en kleine boompjes. Mijn eerste actie zou dan ook zijn om tien grote platanen te kopen en ze op dat plein neer te zetten. Dan heb je met een simpele ingreep al heel veel gedaan. En dan moeten er natuurlijk terrassen komen, à la Brinkman in Haarlem. Dat ligt briljant op de zon en heeft goed meubilair. Dat soort terrassen geeft zo’n plein meteen al een heel andere uitstraling."

Is dat alles?  
"Ik zou ook het straatmeubilair aanpakken. In Engeland hebben ze ervoor gekozen om alle voorwerpen in de openbare ruimte zwart te maken: lantarenpalen, hekjes, verwijsbordjes. Dat geeft een enorme rust en straalt kwaliteit uit. Leiden zou dat ook kunnen doen en daar best een vleugje goud aan kunnen toevoegen. Doe er dan ook hier en daar nog wat kleine Leidse sleutels erbij, en klaar is kees."

Dat klinkt allemaal wel heel erg eenvoudig. 
"Ja, maar dat is het niet. Als er iets veranderd moet worden is er altijd concensus nodig. Stel bijvoorbeeld dat de gemeentelijke afdeling stedenbouw iets wil. Dan moet er eerst onderhandeld worden met de mensen van de verlichting, dan met de groendienst en met de vuilnisophalers. En omdat dit toch niet tot overeenstemming leidt, doet iedereen zijn eigen ding. Het gevolg? Rudi Fuchs schreef het al in 1990 toen hij in een cursiefje voor NRC Handelsblad de inrichting van een hoofdstedelijk parkje reconstrueerde: ‘Een reeks op zichzelf acceptabele beslissingen leidt tot een horreur’. Dat is precies wat er nu gebeurt. Voordat je het weet loop je dan op één vierkante meter tegen vijf totaal verschillend vormgegeven soorten verwijsbordjes op."

Hoe zou je dat kunnen doorbreken? 
"Dat kan met de aanstelling van een regisseur openbare ruimte die boven de partijen staat. Maar dan moet zo iemand wel beslissingsbevoegdheid hebben. Let wel: over elke keuze is discussie mogelijk. Maar het feit dat één persoon steeds de keuzes maakt kan er voor zorgen dat er een soort harmonie ontstaat. Dat is waar Leiden veel behoefte aan heeft, want nu is het chaos troef."

Stel dat we een regisseur openbare ruimte krijgen, zijn we er dan?
"Nee, want vervolgens heeft Leiden ook iets nodig wat andere steden niet hebben. We hebben in Leiden al de muurgedichten. Briljant! Architectonisch kunnen we daar iets aan toevoegen door op Leidse daken iets extra’s te doen. Een vreemde dakopbouw bijvoorbeeld als een verrassende stijlbreuk, bovenop een gebouw dat eigenlijk al af is. Uitbreiding van de geliefde binnenstad naar boven toe dus. Een mooi voorbeeld is hoe architect Wim Hofman dat voor Frans de Wit gedaan heeft aan de Oudegracht. Stel dat we op strategische plekken honderd van dit soort parels toevoegen. Dan heeft Leiden écht iets wat andere steden niet hebben."


 
 

 

 

 

 

 

 

Fons Verheijen, architect